Een registratie uit februari 2017. Enkele openstaande facturen als reden. Maar waarom zat de Belastingdienst ons dan al een jaar eerder op de huid?
Na een lange juridische strijd hebben wij, dankzij het ingrijpen van de Rechtbank Midden-Nederland, eindelijk een kopie ontvangen van onze registratie in het Frauderegister.De rechtbank is inmiddels geïnformeerd over de ontvangst van deze stukken. Daarmee is een belangrijke stap gezet, maar de belangrijkste vragen zijn allerminst beantwoord. Integendeel.
Een registratie uit 2017, maar problemen vanaf 2016
Uit de ontvangen registratie blijkt dat deze is opgesteld in februari 2017. Als reden wordt vermeld dat enkele facturen nog openstonden. Dat is opmerkelijk, want onze problemen met de Belastingdienst begonnen al begin 2016. Toen werd de kinderopvangtoeslag die wij eerder hadden ontvangen al ter discussie gesteld en begon de Belastingdienst met het terugvorderen van deze bedragen. Daarmee ontstaat een eenvoudige maar zeer belangrijke vraag: Als wij pas in februari 2017 in dit Frauderegister zijn geregistreerd, waarop baseerde de Belastingdienst zich dan al in 2016? Waarom zijn we geregistreerd nadat wij de toeslagen voor de kinderopvang hadden stopgezet? Was er vóór februari 2017 al een ander fraudesignaal? Bestond er een eerdere registratie? Stond er informatie in een ander systeem? Of was er een andere reden waarom ons dossier al in 2016 onder een vergrootglas lag?
Een openstaande factuur is nog geen fraude
Wat daarnaast opvalt, is de beperkte inhoud van de registratie. Er wordt niet uitgebreid beschreven welke fraude wij zouden hebben gepleegd. Er wordt slechts verwezen naar enkele facturen die nog open zouden hebben gestaan. Maar een openstaande factuur is op zichzelf natuurlijk geen bewijs van fraude. Er kan sprake zijn van een administratieve fout, een betalingsachterstand of een discussie over een factuur. En waarom worden wij dan geregistreerd in een register met het woord Fraude erin.
Daarom willen wij weten hoe de Belastingdienst van deze informatie uiteindelijk tot een frauderegistratie is gekomen. En vooral: was deze registratie uit 2017 werkelijk de aanleiding voor de acties die al in 2016 tegen ons werden ondernomen? En waarom wordt er geen woord gerept over eerder informatie over het paspoort van mijn vrouw waarin staat dat zijn in de Sovjet-Unie is geboren en niet Estland en dat dit de reden was voor registratie.
Nieuwe brief aan de Belastingdienst
De recente inzage in het Frauderegister betekent daarom niet het einde van deze kwestie. Wij hebben de rechtbank geïnformeerd over de ontvangst van de stukken, maar zijn van mening dat daarmee nog lang niet alle vragen zijn beantwoord. Er is inmiddels een nieuwe brief onderweg naar de Belastingdienst, waarin wij aanvullende vragen stellen over de gebeurtenissen vóór februari 2017. Wij willen weten wat er in 2016 over ons in de systemen van de Belastingdienst stond, welke informatie toen beschikbaar was en waarop de terugvordering van onze kinderopvangtoeslag destijds precies was gebaseerd.
Want één ding staat inmiddels vast: De registratie die wij nu eindelijk te zien hebben gekregen, verklaart niet wat er een jaar eerder met ons dossier gebeurde. En zolang die vraag onbeantwoord blijft, is het verhaal nog niet compleet.

